Aanleg zwemvijver

Een zwembad vereist minstens een zonediepte van 150 à 220 cm met verticale muren. Het geheel moet waterdicht gemaakt worden door het gebruik van een rubbere bekleding met een liner. De zwemzone zal minstens 30 m² zijn voor een totaal minimale oppervlakte van 60 m². De binnenmuren zouden, in het mate van het mogelijke, vervaardigd moeten zijn uit ecologisch materiaal zoals bijvoorbeeld herbruikt plastiek, steen, hout voor bouw of geotextile zakken. Aangezien zij als structuur zullen dienen voor het weerhouden van het materiaal en van de planten in de zone van regeneratie, zullen zij zeer zorgvuldig vervaardigd moeten worden. De muren worden meestal bedekt en zouden 10 cm onder het wateroppervlakte moeten liggen om een visuele effect van het zwembad te weerhouden. In het beste geval zal de bekleding achter de muur geplaatst worden (maar in bepaalde gevallen steekt hij de muur voorbij) men dient zich ook te verzekeren dat hij goed verborgen en beschermd is.

Het water komt via het substraat en door de bediening van de kanalisatie van de pomp in de zone van de regeneratie terecht. Het water is eveneens opgenomen door middel van de externe schuimspaan van de pomp, waardoor zij opnieuw gefiltreerd wordt alvorens zij terug naar de zwemzone wordt gedreven. De zone van regeneratie moet van dezelfde omvang zijn dan deze van de zwemzone met een minimale diepte van 30 cm aggregaat.

In bepaalde natuurzwembaden omcirkelen de planten de zwemzone, maar in kleine zwembaden is het aan te raden de planten aan één zijde te planten om het effect van vernauwing te voorkomen. Daar waar de ruimte op zich geen probleem is, bestaat een alternatief om een tweede zwembad op een hoger niveau aan te leggen, dit om aan het water de mogelijkheid te geven dat het water in de zwemzone stroomt door bijvoorbeeld eenvoudigweg gebruik te maken van een pomp en een waterval.

De zone van regeneratie heeft een bewegingsloos substraat nodig zoals zand of grind, maar geen plantaardige grond want dat zou een te hoog niveau van voedingsmiddelen aan het water brengen en dit zou de zelfreinigingseffecten van de planten tegenwerken, en een bijdrage betekenen voor een slibproces. Door de waterplanten in dakspanen te planten, trekken zij zelf hun voedingselementen uit het water en zodoende zuiveren zij het zwembad. Bovendien, bij het snoeien en weghalen van dode planten tijdens elke herfst worden de onzuiverheden lichamelijk uit het water weggenomen. Een externe schuimspaan kan eveneens gebruikt worden om drijvende resten op het water weg te nemen (zoals bijv. bladeren).

Slib, dode vegetatie, stof en andere zullen zich altijd vormen in eender welke wateroppervlakte. Dit alles kan op een eenvoudige wijze weggenomen worden door een leegte te maken of door de plaatsing van een zuiveringssysteem op de boden, maar dit is afhankelijk van de omvang en de ligging van het zwembad.

Rond het zwembad wordt een volledig drainagesloot aangelegd teneinde zich te verzekeren dat geen enkele afwatering in het zwembad kan terechtkomen. Dit zou dan geen verschil van de pH en van de kwaliteit van het water veroorzaken.

Velen denken dat de bouwkosten van een natuurlijk zwembad aanzienlijk goedkoper zijn dan deze van een conventioneel zwembad. Het is helaas niet altijd het geval. Dit is te wijten aan talrijke complexiteiten van een biologisch zwembad en ook aan de bouwprocedures. Momenteel bedraagt de gemiddelde kostprijs zo’n 450 €/m² voor een minimale omvang van 60 m². Bestaande zwembaden kunnen gemakkelijk omgebouwd worden tot natuurzwembaden voor zover er voldoende ruimte is voor de zone van de regeneratie (als onderverdeling of als afzonderlijk zwembad).